donderdag 31 juli 2014

Brieven van Cyprianus - Brief 4 - Maagden die met mannen slapen


Deze vierde brief van Cyprianus, samen met de bisschoppen Caecilius, Victor, Sedatus en Tertullus en met een aantal priesters, is gericht aan bisschop Pomponius.

Probleem in de brief, is dat een aantal ‘maagden’ het bed heeft gedeeld met een aantal gemeenteleden, waaronder een diaken. Pomponius vraagt in een brief die hij via bisschop Paconius naar Cyprianus heeft gestuurd, wat hij moet doen. (1.1)

Deze maagden waren meisjes die ‘eenmaal een sterk besluit hadden genomen om hun kuise staat te bewaren met onwankelbare standvastigheid’. Ze gaven toe dat ze mannen in hun bed hadden gehad, maar ze hielden vol dat ze hun maagdelijkheid hadden bewaard.(1.1)

Cyprianus overtuiging is dat hij de voorschriften van de evangelisten en apostelen moedig en krachtig moet uitvoeren voor het welzijn van de kerk. Het gaat om ‘de discipline van de kerk’. Cyprianus citeert enkele bijbelverzen over de noodzaak van discipline. (1.2) Het gaat hem om ‘het leven van elke persoon’. (2.1)

Cyprianus geeft een paar voorschriften, zoals dat maagden niet eens in hetzelfde huis moeten wonen als mannen. Ze zijn immers niet alleen ‘zwak wegens hun geslacht’ maar ze zijn ook ‘nog op een kwetsbare leeftijd’. De maagden moeten dus ‘compleet door onze aanwijzigingen en controle worden geleid.’ De duivel is maar al te graag bereid om ze kwaad te doen.(2.1)

Cyprianus legt vervolgens uit dat als dienstknechten van God te lang in de gevarenzone van de duivel en verleidingen zijn, ze zich niet meer kunnen losmaken. Snel optreden is dus geboden. Cyprianus maakt een interessante pastorale opmerking in deze context: ‘Zodra ze verenigd zijn in een gezamenlijk schuldgevoel’ zal het moeilijk zijn ze uit elkaar te halen. Hij bedoelt ongetwijfeld, de meisjes en de mannen waar ze te hecht mee waren. (2.2)

Cyprianus zegt dat de meisjes die niet kunnen wachten op het loon van hun maagdelijkheid, beter kunnen trouwen, ‘in plaats van in het vuur te vallen door hun zonden.’ Ze moeten bovendien in overweging nemen dat ze voor hun broeders en zusters geen schandaal mogen veroorzaken. (2.3)

En het feit dat de maagden ondanks alles hun lichamelijke maagdelijkheid hebben bewaard betekent voor Cyprianus niet veel. Samen in bed liggen, elkaar omhelzen, samen praten, kussen, is erg genoeg. (3.1) Bovendien, hoe kan je zeker zijn dat ze nog maagd zijn? De meisjes hadden blijkbaar gesuggereerd dat vroedvrouwen het konden testen, maar ‘de hand en het oog van de vroedvrouw kan zich vaak vergissen’.(3.1)

Als een echtgenoot zijn vrouw met een ander in bed aantreft, is hij dan niet zo ziedend dat hij misschien het zwaard wel trekt? ‘Christus is onze Heer en onze Rechter: als Hij ziet dat zijn eigen maagd die Hem haar geloften heeft gedaan en die zich geheel aan Hem heeft overgeleverd, met een andere man ligt, stel je dan Zijn woede en boosheid voor en de straffen waarmee Hij dreigt wegens zulke onkuise bijeenkomsten.’ (3.2)

Kerkleiders moeten bovenal het voorbeeld geven door hun levensstijl. ‘Hoe kunnen ze opzichters zijn van de onschuld en kuisheid als ze zelf de bron en oorsprong zijn van corruptie en onderwijs in de ondeugd?’ (3.3)

Pomponius heeft er dus goed aan gedaan de diaken te excommuniceren, net als de andere mannen die er een gewoonte van maakten met de meisjes te slapen, zegt Cyprianus.(4.1)

Wat betreft de maagden, als die serieus penitentie hebben gedaan en zijn gestopt met hun relaties, moeten ze eerst lichamelijk worden onderzocht door de vroedvrouwen. Als ze nog maagd zijn moet de kerk ze ontvangen en kunnen ze aan de Communie meedoen. Ze moeten wel worden gewaarschuwd dat als het weer gebeurt, ze niet weer zo makkelijk in de kerk worden toegelaten. (4.1)

Wie toch geen maagd meer blijkt te zijn, moet volle penitentie doen. Alleen na langere tijd en na openbare schuldbelijdenis mag ze naar de kerk terugkeren. (4.1)

Als ze toch doorgaan met hun gedrag, kunnen we ze nooit meer in de kerk toelaten, aldus Cyprianus. Zijn vrees is dat ze met hun zonden ook anderen de weg naar de ondergang wijzen. (4.2)

De meisjes moeten niet denken dat er nog hoop is op leven en redding als ze hebben geweigerd hun bisschoppen en priesters te gehoorzamen. Cyprianus bewijst dit met een citaat uit het OT waarin wordt gezegd dat wie de priesters ongehoorzaam is, ter dood moet gebracht. (4.2) De toepassing daarvan in de kerk is dat mensen worden geëxcommuniceerd. (4.3)

‘Ze kunnen geen leven vinden buiten de kerk want er is slechts een huis van God en niemand kan redding vinden behalve in de kerk.(4.3)

Cyprianus roept Pomponius dus op om alle betrokken individueel te adviseren en te leiden, opdat ze niet verloren gaan. (5.1) Dat moet hij krachtig doen, want dat dient Christus en leidt wellicht tot het welzijn van de zondaars.(5.2)

Opmerkingen: 

  • In de vroege kerk lezen we wel vaker over jonge vrouwen die met hun maagdelijkheid de Heer dienden, ook voordat dit werd geformaliseerd in kloosters.
  • Dat vrouwen als het ‘zwakke geslacht’ werden gezien kom je wel vaker tegen in het Romeinse Rijk; het valt makkelijk te combineren met oog op de rol van Eva in het paradijs.
  • De pastorale benadering van Cyprianus is opvallend. De, naar het lijkt nog jonge meisjes werden veel lichter gestraft dan de betrokken mannen. Het ging Cyprianus om het eeuwig welzijn van de betrokkenen.
  • Uit de vroege kerk weten we niets van een formele en publieke wijding van maagden; misschien dat zoiets meer een private zaak was.
  • De excommunicatie van de diaken was waarschijnlijk door de bisschop alleen verricht; daarom zoekt hij advies of hij daar goed aan heeft gedaan?
  • De maagdelijkheidstest klinkt in moderne oren schandelijk, en met een overdreven nadruk op het fysieke aspect. Dat laatste geeft Cyprianus zelf ook aan, maar hij acht de test toch nodig. Dit overigens nadat, naar het lijkt, de meisjes hier zelf om hebben gevraagd.
  • De penitentie die de meisjes moesten doen bestond waarschijnlijk uit extra gebeden, aalmoezen geven, goede werken.

Voor deze bespreking heb ik gebruik gemaakt van The Letters of St Cyprian Volume 1 (Letters 1-27) door G.W Clarke (Newman Press, New York, 1984). Dit is deel 43 van de serie Ancient Christian Writers.


18 opmerkingen:

Miller zei

‘Ze kunnen geen leven vinden buiten de kerk want er is slechts een huis van God en niemand kan redding vinden behalve in de kerk.(4.3)
En hier gaat het dus fout hè; in de kerkgeschiedenis zeg maar. De kerk heeft zeker de taak om de zuivere leer te bewaken en natuurlijk te waken over de zielen van haar leden. Je behoud is echter niet afhankelijk van de kerk, maar van Christus zelf; het hoofd van de kerk.
Cyprianus van Carthago zal het vast allemaal goed bedoeld hebben, maar hij stond als geen ander in zijn tijd aan de wieg van de kerk als instituut in plaats van de kerk als lichaam van Christus.
Wel positief dat die diaken het veld moest ruimen. De huidige paus zit ook op die lijn en dat geeft me toch een boel vacatures....

Jos Strengholt zei

ik ben het meer met Cyprianus eens dan jij blijkbaar :)

je behoud is mi wel afhankelijk van de kerk. als de kerk immers lichaam van christus is, kan je niet 'in christus' zijn zonder ook 'in de kerk' te zijn. Sterker gezegd, ik denk dat als paulus de term 'in christus' gebruikt, je soms echt moet denken aan 'in de gemeenschap van de kerk'.

denk je nou echt dat kerk als instituut in tegenstelling is met kerk als lichaam van christius? het nieuwe testament gebruikt diverse begrippen om de kerk mee aan te doen - lichaam, maar ook gebouw,. kudde, huis van God.

Miller zei

Zie net dat het adagium van Cyprianus 'extra ecclesium nulla salus' pas bij het Tweede Vaticaaans Concilie expliciet door RKK werd toegeëigend. Ik veronderstelde dat dat al veel eerder was gebeurd.
Toont eens te meer aan dat de RKK zelf een eigenzinnige weg is ingeslagen die stevig afwijkt van 'mainstream christianity'. Door algemene uitspraken uit het verleden exclusief voor RKK te claimen, wijst men andere kerken en gelovigen af.

Miller zei

Als Cyprianus werkelijk geloofde dat er buiten de kerk om geen heil is, dan heeft hij heel wat op zijn geweten. Hij voerde namelijk een streng beleid dat gelovigen die de vervolgingen ontweken door afval van het geloof, niet meer terug mochten komen. En net las ik bij je volgende posting dat hij zelf gevlucht was? Lekkere jongen was dat.
We hebben het al vaker gehad over kerk als lichaam versus instituut, maar toen is de discussie gestopt. Weet niet of je nog zin hebt die weer op te pakken. Er zijn veel loslopende christenen die niet meer in de kerk willen komen. Wat is jou visie daar dan op?

Miller zei

Wellicht goed te vermelden dat ik een boekje van Kokichi Kurosaki op dit terrein behulpzaam vindt. Het zal je niet aanspreken, veronderstel ik, maar je moet al echt in een hele goeie kerk komen, wil je automatisch de zichtbare kerk willen vereenzelvigen met het Lichaam van Christus. Mijn hoop zelfs is dat dat twee heel verschillende zaken zijn, want ik vind de kerk vaak maar niks.

Jos Strengholt zei

wel in het nt wordt de zichtbare gemeenschap duidelijk met het lichaam van Xr vereenzelvigd. en dat waren kerken met nogal wat misstanden...

Miller zei
Deze reactie is verwijderd door de auteur.
Miller zei

..., met nogal wat misstanden ja. En hoe zit het dan met dat behoud? In Nederland hadden we een dominee, Klaas Hendrikse genaamd, en die was zelfs helemaal niet gelovig. In het voorwoord van zijn boek bejubeld door ene Harry Kuitert, als die naam je iets zegt...
Kom op Jos, draai er nou niet omheen. Het is goed om inclusief te willen denken, maar je hoeft dat niet te overdrijven. jammer dat ik je preek morgen niet kan bijwonen. Focus daar maar op en vier je vakantie. Groet, Paul.

Jos Strengholt zei

ik geloof dat je het enige echte serieuze punt mist Paul. De vraag: wat of wie is de kerk :)
je kunt natuurlijk niet omdraaien wat die Cyprianus zegt, het is niet zo dan iedereen die in een kerkbank zit, daarme behouden is. En het is ook niet per se so dat iedereen met twee anderen bij elkaar komt, daarmee een kerk vormt. de vraag is meer, wat IS de kerk.

Miller zei

Jij mag het zeggen. :-)

Miller zei

Wat mij irriteert is de valse claims van denominaties van het veronderstelde zijn van de ware kerk. Natuurlijk is er maar één kerk (Kokichi Kurosaki).

Jos Strengholt zei

Ja natuurlijk is er maar 1 kerk. En wat is de omschrijving daarvan?

Anoniem zei

De kritiek die hier wordt geuit op Cyprianus als zijnde hardvochtig en hypocriet is mijns inziens zeer onterecht. Hij leerde helemaal niet dat de Kerk afvalligheid niet kon vergeven. Hij leerde juist de gulden middenweg, tussen laksen en rigoristen. de laksen zeiden dat er geen enkele voorwaarde of boetedoening moest worden toegepast op hen die terug wensten te komen in de Kerk. zelfs geen spijtbetuiging of publieke belijdenis. de rigoristen anderzijds waren de mensen die zeiden dat, aangezien de afvalligen hun heiland hadden afgezworen, hun heiland hen ook had afgeschreven. er kon dus geen vergeving zijn in de Kerk voor hen. Cyrpianus weerlegde beide standpunten, en toonde zeer duidelijk aan dat de Kerk wel degelijk kon vergeven, maar dat de afvalligen niet moesten hopen op een vlekkeloze opname. zo werden ze uitgesloten voor een aantal jaar van de eucharistie, en kregen geestelijken hun ambt niet terug. ook een publieke belijdenis van hun zonde werd voorgeschreven.

en zij vlucht naar frankrijk was zeer terecht. Hij zei zelf dat dit hem was ingegeven door God, en zijn latere martelaarschap, alsmede het bijzonder klein aantal geuite twijfels aan zijn verborgen bestaan door andere bisschoppen, toont aan dat het niet zo'n vreemde beslissing was. andere bisschoppen waren hem al voorgegaan (polycarpus denk ik), en zouden hem daar ook in navolgen (voorbeelden te over).

een zeer aan te raden boek is het werk "eenheid en eensgezindheid" van chris tazelaar. het bevat 81(!) brieven en twee traktaten, alsmede een verslag van het martelaarschap van cyprianus. een ongelofelijk monnikenwerk, vooral met de steevaste inleiding en talrijke voetnoten.

echt een goede bisschop in mijn ogen. samen met Ignatius van antiochie en athanasius mijn favoriete kerkvaders.

Jos Strengholt zei

Beste anoniem, ik ben ook een fan van Cyprianus, Ignatius en Athanasius, en nog zo'n stel. Je hoort mij het woord hardvochtig en hypocriet niet gebruiken :-)

Anoniem zei

ah, maar ik doelde dan ook niet op u, maar op de heer Miller, die in mijn ogen toch bepaalde (onterechte) beschuldigingen uit aan het adres van Cyprianus.

overigens gefeliciteerd met uw blog, en nog veel vruchten gewenst in uw verdere (aardse) leven, en vrome bediening van de gemeente te Egypte!

Miller zei

Even met functie ctrl-F de woorden hardvochtig en hypocriet gecheckt. En jawel hoor, ze komen allebei twee maal voor. En nu dus drie maal. Mijn mening over Cyprianus heb ik inmiddels wat bijgesteld, d.w.z. wat zijn vlucht betreft en ook snap ik beter, op grond van een mondelinge toelichting meen ik dat het was van Jos, hoe het zat met die afvalligen. De blijvers waren vaak flink aangepakt en mishandeld tijdens de vervolgingen. Maar voor de rest..., waar Jos m.i. toch niet goed op ingaat (maar dat laat ik nu maar rusten), denk ik dat ik doelde op de latere gevolgen van de veronderstelde invloed van Cyprianus. Koertgezegd, de kerk als middelaar van het nieuwe verbond. In mijn bijbeltje (ik heb overigens meerdere vertalingen in mijn bezit) lees ik dat Jezus dat is en niet de kerk met aan het hoofd iemand die zich op blasfemische wijze plaatsvervanger van Christus op aarde noemt.

Miller zei

Wat iemand zegt en welke gevolgen dat heeft op de lange termijn is vaak niet meer goed te achterhalen. Oorzaak en gevolg zijn niet zelden een speculatieve reconstructie achteraf. Ik volgde een zienswijze van historicus Peter Raedts in zijn 'De uitvinding van de katholieke kerk', waarbij ik aannam dat hij een redelijk beeld schetste van e.e.a. en zijn argumentatie leek mij plausibel. Ik ga me er niet verder in verdiepen dat dit, want dat dient waarschijnlijk geen enkel nut.

Miller zei

En wat mijn visie op het pausdom betreft, dat kan wellicht voor sommigen schokkend overkomen, maar in het OT riep het volk al "we willen een koning" en God liet het toe. In het NT zien we eenzelfde patroon. Jezus zei dat Hij de Heilige Geest zou sturen, maar het volk wilde liever een koning. En zo gaat het nu altijd.